Arnhem Centraal is een bijzonder station. Dat kan zowel als compliment worden opgevat als in de andere betekenis van het woord.
Neem de roltrappen. Op spoor 4, waar onder meer treinen richting Zwolle vertrekken, is het royaal geregeld. Bij de centrale opgang zijn een gewone trap, een roltrap omhoog én een roltrap omlaag beschikbaar. Aan de overzijde bevinden zich nog een trap en een lift.
Op de perrons van spoor 9 en 11 is dat anders. Daar stoppen onder meer de ICE’s naar Frankfurt en Amsterdam en de nachttrein naar Wenen. Bij de opgangen aan de zijde waar deze treinen doorgaans staan, is naast de gewone trap slechts één roltrap beschikbaar: omhoog. De lift bevindt zich aan de andere kant. Ook daar zijn roltrappen, maar die komen uit op een gedeelte van het lange perron waar de internationale treinen doorgaans niet staan.
Een merkwaardige keuze, juist op perrons waar regelmatig reizigers met koffers in- en uitstappen.
Ook op een ander terrein blijft Arnhem Centraal verbazen. Het station werd in november 2015 geopend, maar lekkages bleken al snel een hardnekkig probleem. Ruim tien jaar later is het verschijnsel nog niet verdwenen. Afgelopen zaterdag lag in de onderdoorgang naar de perrons opnieuw een flinke plas water. Ook in de stationshal en op de perrons zijn na regen geregeld plassen te vinden.
Arnhem Centraal is spectaculair om te zien. Maar een station is meer dan architectuur. Na ruim tien jaar dringt zich daarom toch een vraag op: is wat prachtig is ontworpen, ook altijd praktisch ontworpen?