Op 25 april kwamen zo’n 35 geïnteresseerden bijeen in de Thiemeloods in Nijmegen voor een bijeenkomst van Rover Gelderland. Om te beginnen werden de afdelingen in Gelderland officieel samengevoegd tot één provinciale afdeling. Na dit heuglijke moment dook het gezelschap de inhoud in. Centraal stond de presentatie van Transdev over de nieuwe concessie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley (ANF), die op 28 juni van start gaat. Daarna gingen Provinciale Statenleden Judith Tenbusch (PRO) en Koos de Looff (VVD), beiden woordvoerders mobiliteit, in gesprek met de aanwezigen over de ambities op mobiliteitsgebied in de provincie.
Eén provinciale afdeling
Gelderland telde van oudsher zes afdelingen, die allemaal een klein stukje van de provincie onder hun hoede hadden. Toen in de visie van Rover werd opgenomen dat afdelingen toe moesten groeien naar provincie of vervoerregio, begon dat in Gelderland meer te leven. Het was geen snel proces, maar had uiteindelijk wel als resultaat dat op 25 april unaniem gestemd werd voor samenvoeging van de oude afdelingen.
Hoe ziet de nieuwe concessie eruit?
Namens Transdev gaven Herman de Gooier en Wim Lieven een toelichting op de plannen. De nieuwe concessie rust op drie pijlers: betrouwbaarheid, aantrekkelijkheid en toekomstgerichtheid. De provincie heeft daarbij duidelijke wensen meegegeven, zoals betere ontsluiting van bedrijventerreinen, sterkere verbindingen tussen platteland en steden en goede bereikbaarheid van onderwijsinstellingen.
Een opvallende maatregel is de terugkeer van nachtbussen in Arnhem, Nijmegen en Ede. Daarnaast wordt ingezet op het gebruik van zogenoemde hubs, waar automobilisten hun auto aan de rand van de stad kunnen parkeren om verder te reizen met het openbaar vervoer.
Transdev wil de dienstregeling verder verbeteren door eerder te beginnen, later door te rijden en de spitsperioden te verbreden. Een geleidelijke overgang van spits- naar avondfrequenties moet voorkomen dat de dienstregeling abrupt versobert. Nieuw is het concept van de ochtend- en avondknoop: bussen wachten op de laatste trein, zodat ook kleinere kernen ’s avonds laat bereikbaar blijven.
Onder de pijler ‘aantrekkelijk’ valt de uitbreiding van hoogwaardige, frequente verbindingen tussen stad en regio. Zo wordt na de zomer een directe lijn tussen Wageningen en Nijmegen Campus verwacht, met kortere reistijden tot gevolg. Deze Rijnlijn wordt doorgetrokken naar Velp, waarmee een snelle verbinding ontstaat tussen Velp, Arnhem, Wageningen en Ede.
De concessie groeit flink: er komen 22% meer dienstregelingsuren (DRU’s) ten opzichte van 2024. Hiermee worden ook nieuwe woningbouwlocaties beter ontsloten. Het materieel wordt volledig elektrisch. Ook Nijmegen krijgt een trolleybus, die echter pas vanaf Arnhem-Zuid gebruik zal maken van de bovenleiding.